parkeerbon

Een prijzig velletje papier

Donar de stormgod had er zin in gehad die dag. Hij had geblazen alsof het zijn eerste werkdag was. Dolenthousiast en niet van ophouden wetend. Hoewel hij wat tot bedaren was gekomen, was het die avond nog behoorlijk guur en winderig. Of we deze keer met ónze auto zouden gaan, had de vriendin gevraagd. Meestal rijdt zij omdat ze een iets comfortabelere wagen ter beschikking heeft. Hoewel ik absoluut geen enthousiaste autorijder ben, gaf ik te kennen mijn hand niet om te draaien voor die lange rit van tien kilometer.
Tot windkracht vijf houd ik die oude bak van ons wel op de weg. Het kon dus nét. Zonder al te grote problemen reed ik een uurtje later het parkeerterrein bij het theater op. We hadden flink de wind tegen gehad zodat we tempo moesten maken om voor aanvang van ‘From Sammy with love’ op onze zetels geploft te zijn. Er stond een behoorlijke rij wachtenden bij die ene parkeerautomaat. Ik werd een tikkeltje nerveus. Toen de transactie eindelijk tot een goed einde was gebracht, spurtte ik terug naar onze vierwieler en deponeerde het parkeerkaartje op het dashboard. We vlogen het theater in en genoten van een heerlijke voorstelling.

Na afloop zag ik al van verre dat er op het parkeerterrein geflyerd was. Ik ontwaarde een foldertje onder de ruitenwisser van onze Citroën.
‘Ik denk het niet’, zei de vriendin. Ik vermoedde dat ze daarmee te kennen gaf dat het papiertje volgens haar geen uiting van reclame was. Ze had gelijk. Toen ik het strookje onder de ruitenwisser had gepeuterd en in mijn hand hield, constateerde ik dat we prijs hadden: een forse boete van iets meer dan 64 euro. ‘Kaartje ondersteboven’ las ik met verbazing op het amateuristisch ogende velletje.
Die zijn gek, dacht ik en wierp een blik op het dashboard.
Die zijn niet gek, wist ik een seconde daarna.

Ik moest maar eens naar het functioneren van mijn hersenen laten kijken. Hoe komt een redelijk normaal mens erbij om een parkeerkaartje op zijn kop te leggen?
‘Een redelijk normaal mens overkomt dit niet’, had mijn vrouw die avond al opgemerkt. De vriendin had er verstandig het zwijgen toe gegaan.
‘Misschien was het een windvlaag die bij het dichtgooien van het portier het kaartje heeft laten dwarrelen’, sprak de psychiater die ik de volgende dag in paniek consulteerde.
Mijn bloeddruk daalde na die geruststellende opmerking direct en mijn hart begon weer normaal te slaan. De wind moest zonder enige twijfel de boosdoener geweest zijn. De constatering dat ik niet geestelijk aan het ontsporen was, maakte dat ik een flink gat van opluchting in de lucht sprong. Omdat ik bij die actie de hanglamp niet wist te ontwijken, ontstond er ook een klein gaatje in mijn hoofd. Terugvallend op de bank vermoedde ik dat ik zonder noemenswaardige inspanning onder die bekeuring uit zou kunnen komen. De storm in mijn hoofd was geluwd maar de pijnscheuten die ervoor in de plaats kwamen, zorgden niet voor een écht vrolijke stemming.

   Om verder te lezen

5 gedachten over “Een prijzig velletje papier”

  1. Mijn medeleven. Ooit een parkeerbon gehad. Helaas was die wel terecht maar ook een beetje flauw. Ik had een half uur voordat de betaalde parkeertijd voor die straat was afgelopen, zonder kraskaart geparkeerd.

Reageren? Graag!