Over Mies Huibers

In 2056 hoopt Mies Huibers, de onbezoldigde schrijver van de 420 stukjes hier, honderd te worden. Bij deze ben je alvast van voor het bescheiden feestje uitgenodigd.

Hoewel zijn voornaam anders doet vermoeden, is Mies van mannelijke kunne. Hij is geboren en getogen in het Brabantse Valkenswaard waar hij nog steeds zijn bed heeft staan en waar hij over enkele decennia als honderdjarige de burgemeester op de koffie krijgt. Daarna stopt hij met schrijven en probeert hij op zijn gemak nog een jaar of drie te lezen.

Grootmoeder
Miesje met de moeder van zijn vader

Mies is de trotse bezitter van twee e-readers, een bibliotheekje op de bovenverdieping met 1500 boeken, een computer en negentien sokken. Waar die ene sok ooit gebleven is, is nog steeds een raadsel voor hem.

Hij heeft een lieve vrouw die stukken jonger is – bijna acht maanden om precies te zijn – en een prachtige Schotse collie genaamd Yessie

Mies houdt niet van verre reizen en haalt zijn inspiratie noodgedwongen dicht bij huis. Tweehonderdvijftig kilometer met de auto is voor hem de maximum afstand om te overbruggen. Gelukkig kan hij zo precies zijn favoriete bestemming Texel bereiken.
Als Mies niet aan het schrijven, aan het lezen of de hond aan het uitlaten is dan speelt hij schaak, is hij aan het kaarten (rikken) of aan het biljarten (driebanden).

Zijn favoriete muziekgroep is Dr. Hook, zijn favoriete film Once Upon a Time in the West van Sergio Leone, zijn favoriete nummer These Are the Days of Our Lives van Queen en zijn favoriete boek De schaduw van de wind van Carlos Ruiz Zafón.

Boekrecensies schrijft Mies al een tijdje niet meer, maar van waargebeurd verzonnen cursiefjes krijgt hij maar geen genoeg. Het meeste dat je op deze website voorgeschoteld krijgt, zijn voorvallen geschreven door een niet altijd even betrouwbare verteller. Soms is het waarheidsgehalte op een haar na honderd procent en af en toe is het dat in de verste verte niet.

Het is aan jou beste lezer wat je wel of niet voor waar aan wilt nemen. Pak het meeste dat je hier tot je neemt maar niet al te serieus op zou Mies als goedbedoelde raad mee willen geven.