De laatste hobbel

En zo vliegt mijn allereerste stukje waar Facebook geen weet van heeft de wijde wereld in. Lezers die me via dat kanaal volgen, blijven verstoken van informatie over dit stukje. Eén en één is hier ook gewoon twee. Geen blogspeld tussen te krijgen. In alle eerlijkheid vind ik dat jammer voor de lezers die me elke donderdag op Facebook voorbij zagen flitsen en nieuwsgierig doorklikten. Schuldig voel ik me wel een beetje.
Dat mijn facebookloosheid flink wat lezers gaat schelen, vind ik voor mezelf niet zo’n ramp. Het is natuurlijk elke keer weer leuk als er respons komt, maar of mijn stukje nu veertien of vijfhonderdtweeëndertig keer gelezen wordt, boeit me minder. Elke gek heeft zijn gebrek. Ik heb er meer dan één.

Er is de laatste tijd behoorlijk wat te doen geweest over Facebook. Het stinkt daar meer dan in de gemiddelde beerput. Maar YouTube en Google – om maar een paar andere internethits te noemen – stinken bijna net zo hard. Misschien scheelt het een paar scheten maar ze kunnen er allemaal wat van. We hoeven ons niet al te veel illusies te maken. Ze stinken, naar het schijnt, vooralsnog binnen de wet, maar stank blijft stank. Dat ik Facebook vaarwel zeg, ligt daar niet aan. Ik zou gewoon een wasknijper op mijn neus zetten als ik had willen blijven. Facebook kan me gewoon niet meer behoren. Zo simpel is het.
Ik ging maar eens flink met de bezem door mijn activiteiten en begon ook groepen te verlaten. Het ging in een verrassend voortvarend tempo. Het lidmaatschap van de allerlaatste groep zegde ik vorige week op. Ik zou alleen nog linkjes naar de stukjes op mijn website plaatsen, was mijn insteek. Maar dat voelde toch behoorlijk hypocriet. Nee, die stekker moest definitief uit Facebook getrokken worden.
Ik ben echter een notoire twijfelaar en een erge lafbek. Wat als ik het nu eens verschrikkelijk ging missen? Wat als iemand mijn plotselinge afwezigheid maar niks vond? Wat als ik echt niet meer terug kon? Wat ben ik toch een watje. Ik koos voor die halfslachtige tussenoplossing: het deactiveren van mijn account. Lekker slap van me. Ik kan nog terug als ik wil. Gewoon opnieuw inloggen en ik ben weer voor iedereen zichtbaar. Het ontbreekt me aan de moed om er voor eeuwig en altijd vanaf te zijn. Ik moet nog aan het idee wennen. Misschien dat ik over een weekje zover ben. Of over een maand. Of over…

Het ligt niet aan de mensen die ik op Facebook heb leren kennen. Nee, die gaan me best aan het hart. Ik heb gewoon geen lol meer in dat facebookgedoe. Het voelt wel als verraad dat stiekeme verdwijnen. Alsof ik mijn lezers in de steek laat. Maar ik moet het niet al te dramatisch maken. Ik ben geen Braziliaanse stervoetballer per slot van rekening. Het zal z’n draai wel vinden. Het is wachten op het moment dat ik genoeg moed verzameld heb om die laatste horde te nemen. Om alles door de facebookshredder te jagen en met de borst vooruit voorwaarts te gaan. Het zal me benieuwen hoe dapper ik écht blijk te zijn. Ik hou me maar vast aan het ‘Luctor et Emergo.’
Het worstelen is begonnen. Nu het bovenkomen nog.

Om nog een stukje te lezen :

toetsenbord

Het kapotte kettertje

Zwart gat

Zwart gat

34 gedachten over “De laatste hobbel”

  1. Oh wat herken ik jouw worsteling met Facebook. Kortgeleden heb ik de knoop doorgehakt. Eerst mijn pagina verwijderd en kort daarna mijn privé account. Ja het kostte me lezers en best heel wat. Sinds een paar weken toch weer een account aangemaakt. Puur en alleen voor het schrijven, maar het wringt en het schuurt. Na heel wat jaren leuke contacten en ontmoetingen met gelijkgestemden. Het terugvinden van vrienden van toen en het makkelijke contact met familie ver weg, lukt het me niet meer om mijn draai te vinden op Facebook. De lol is eraf, ik kijk het nog even aan maar eigenlijk weet ik het al. We zijn uit elkaar gegroeid.

    Voor wat het waard is, mij raak je in elk geval niet kwijt als lezer.

    • Dat laatste is me veel waard hoor. Er zijn natuurlijk andere opties dan facebook voor volgen en interactie maar dat facebook is op zich verdraaid handig. Maar ik kon er op enig moment – buiten het laten zien dat ik een stukje geplaatst had – de lol niet meer van inzien. Ik begon me zelfs af en toe wat te ergeren aan dingen merkte ik. Het kost inderdaad wel lezers maar voor mezelf is dat geen groot issue. Wel jammer maar geen drama. Misschien dat ik er op termijn voor kies om dat linkjes plaatsen weer te doen en het daarbij te laten. Ik ga eens kijken hoe het blijft voelen.

  2. Ik ben samen met mijn andere blog ook verlost van mijn ‘zakelijke’ FB pagina, scheelt me veel tijd op dagbasis.
    Privé zit ik er nog wel op, maar doe er zelden meer wat mee. De glans is er een beetje af. Ik merk bij veel mensen want zo druk als er vroeger gepost werd, dat is allang niet meer…

    • Dat van die glans zie je goed volgens mij. Dat zal bij mij ook wel meespelen. En ik heb waarschijnlijk ook wel genoeg gevulde borden, vergezichten, zwemvliezen en verjaardagstaarten voorbij zien komen.

  3. Ik ben 10 jaar geleden met Facebook begonnen omdat het de ideale manier was om te communiceren met de vele honderden deelnemers (in 8 verschillende landen) van het project waar ik (bege)leiding aan gaf. Het project bestaat niet meer. Wel de herinneringen. Vanuit het verre buitenland (Mozambique) gebruik ik Facebook als ‘lijntje’ met België en Nederland. En natuurlijk weet ik dat ze – wie dat ook moge zijn – meekijken.
    Ik ben gestopt met veel foto’s (van vakanties bijvoorbeeld) te plaatsen. Af en toe een link naar mijn blog. Ik denk dat ik er nog even mee doorga. ZUCHT.
    Ach ja … ik zit oa bij de ING-bank en dat zijn vast ook geen lekkere jongens en meisjes. Toch blijf ik klant. En dat kan ik ook zeggen over mijn ziektekosten-maatschappij, energiebedrijf …
    Nogmaals ZUCHT.

    • Dat plaatsen van linkjes en het daar bij houden, was dan ook mijn eerste insteek. Alles of niets leek me beter. Ik krijg nu voldoende voer – zoals jouw inhaak – om te bekijken of ik het zo moet laten.

Reacties zijn gesloten.